Veiligheid op het werk: de sleutelrollen bij een gericht veiligheidsbeleid

Veiligheid op de werkplek is een gedeelde verantwoordelijkheid. Maar wat zegt de wet daar precies over? Wie kan of moet een rol spelen in de preventie binnen uw organisatie? Hélène Thierry, preventieadviseur bij Mensura, geeft een overzicht van de sleutelfiguren bij veiligheid op het werk.

Sinds begin 2000 en de inwerkingtreding van de Welzijnswet is het glashelder: veiligheid op het werk is een gedeelde verantwoordelijkheid. Wie doet wat?

De werkgever: voortrekker van het project

Binnen een organisatie bestaan drie rollen naast elkaar: de werkgever, de werknemer en – een essentiële schakel tussen beide – de leidinggevende. “De werkgever is de dirigent: hij of zij geeft de maat aan en zorgt voor de instrumenten”, zegt Hélène Thierry.  “Maar de werkgever heeft ook een voorbeeldfunctie, anders is het veiligheidsproject gedoemd te mislukken. Een baas die duidelijke veiligheidsregels vastlegt, maar zonder veiligheidsschoenen op de werkplaats loopt, zal waarschijnlijk zijn doel missen.”

De leidinggevende: waakt over de toepassing

"De leidinggevende beschikt over verschillende hefbomen om ervoor te zorgen dat de preventiemaatregelen toegepast worden", vervolgt Hélène Thierry. "Er zijn drie belangrijke, waarvan controle de minst aantrekkelijke is: aandacht voor de naleving van de veiligheidsregels. Stel dat een arbeider geen persoonlijke beschermingsmiddelen draagt. Doet de leidinggevende alsof hij niets heeft gezien, dan negeert hij het veiligheidsbeleid. Gaat hij daarentegen in gesprek met de werknemer, dan kan hij mogelijke individuele bezwaren opsporen en oplossen.”

De tweede verantwoordelijkheid? Neem in nieuwe situaties voldoende tijd om na te denken over de beste aanpak op het vlak van veiligheid, en neem bij twijfel contact op met de preventiedienst. En ten derde: zorg – in samenwerking met hr – dat elke nieuwkomer volledig op de hoogte is van het preventiebeleid. "Dat is belangrijk, zelfs als hij of zij 30 jaar ervaring heeft. Het ene bedrijf is immers het andere niet. Met de Check-In Tool van Mensura krijgt elke nieuwe collega tijdens de onthaalprocedure een handig en omvattend advies over veiligheid en gezondheid, gebaseerd op een individuele vragenlijst.”

Werknemers en risicobewustzijn

"Van werknemers wordt verwacht dat ze geen risico’s nemen en de instructies opvolgen. Bij twijfel moeten ze een beroep doen op hun leidinggevende. Sommige medewerkers worstelen daarmee: vooral jonge werknemers en uitzendkrachten, maar ook ervaren collega's die al lang aan deze risico's worden blootgesteld.”

Communicatie is vaak de sleutel. "Een veel voorkomende bron van arbeidsongevallen is een discrepantie tussen de voorschriften en de praktijk. Werknemers passen soms hun werkwijze aan om praktische problemen op te lossen, maar wijzigen de veiligheidsinstructies niet mee. Door te communiceren over het hoe en waarom van een wijziging, kunnen werknemers en leidinggevenden een veilige oplossing uitwerken, indien nodig met de hulp van de preventiedienst.”

Interne preventiedienst: een adviserende rol

"Deze dienst, verplicht in bedrijven met minstens 20 medewerkers, adviseert de werkgever om te streven naar een werkomgeving zonder arbeidsongevallen, beroepsziektes en burn-outs", legt Hélène Thierry uit. "De daadwerkelijke acties zijn een goede indicator voor de maturiteit van het bedrijf op het vlak van preventie. In te veel gevallen neemt de preventiedienst genoegen met de uitvoering van risicoanalyses. Maar in steeds meer kmo’s werkt de interne preventiedienst nauw samen met de leidinggevende(n) om professionele veiligheidsprocedures op te zetten. In het beste geval gedraagt de interne preventiedienst zich als een coach op het werkterrein.”

Het heeft lang geduurd, maar sinds de Welzijnswet van 4 augustus 1996 is de houding binnen organisaties veranderd. Alle verantwoordelijkheid voor veiligheid op het werk afwentelen op de interne preventiedienst, is verleden tijd.

Comité voor preventie en bescherming op het werk: een waardevol platform – onder bepaalde voorwaarden

"Dit paritair samengesteld orgaan, verplicht vanaf 50 werknemers, kan helpen om preventiethema’s op tafel te leggen en de standpunten van werknemers- en werkgeversafgevaardigden erbij te halen. Dat kan de veiligheid op de werkvloer echt vooruithelpen, op voorwaarde dat de werkgever de wetgeving kent en in staat is om de discussies in goede banen te leiden, en als de vakbonden er in een constructieve geest aan deelnemen. Dan is een CPBW enorm waardevol om bijvoorbeeld ongevallenanalyses te onderzoeken."

Vertrouwenspersoon, brandbestrijding, eerste hulp: in de frontlinie

"Sommige werknemers nemen naast hun werk ook een eerstelijnsrol op zich. Vertrouwenspersonen staan paraat voor collega’s die geweld op het werk ervaren – voordat de psychosociale preventieadviseur ingrijpt met een formelere procedure. Collega's die deel uitmaken van de brandbestrijding zijn geen brandweermannen, maar zijn wel getraind om een branduitbraak te blussen, het pand te ontruimen en waakzaam te zijn voor omstandigheden die een brand kunnen aanwakkeren of de ontruiming kunnen belemmeren. Hetzelfde geldt voor eerstehulpverleners, die getraind zijn om bij een ongeval in de frontlinie te staan.”

Externe preventie- en beschermingsdienst: aanvulling op de interne dienst

"De Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk (EDPBW) schiet organisaties te hulp die bepaalde wettelijk vereiste vaardigheden niet in huis hebben of problemen ervaren waarvoor specifieke skills nodig zijn. De activiteiten vallen in twee thema’s samen te vatten. Enerzijds is er het medisch toezicht op de werknemers, dat sinds eind jaren zestig verplicht is. Dit is de wereld van de arbeidsgeneeskunde en de individuele preventie. Anderzijds is er de collectieve preventie, vastgelegd door de Welzijnswet. Preventieadviseurs, psychologen, ergonomen, industriële hygiënisten en andere experten sporen collectieve risico’s op en pakken die aan.”

Een groot aantal andere externe actoren

Het overzicht zou niet volledig zijn zonder vermelding van andere externe actoren die beslissingen over preventie kunnen beïnvloeden:

  • Wettelijke verzekeraars verzekeren organisaties bij bedrijfsongevallen. De verzekeringspremie die de werkgever neertelt, hangt grotendeels af van de frequentie en de ernst van eerdere arbeidsongevallen.
  • Brandweerkorpsen en brandverzekeraars kunnen bepaalde verbeteringen eisen voordat een hotel, warenhuis, productiesite, enz. mag openen.  
  • De FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg controleert of werkgevers de sociale regelgeving en de Welzijnswet naleven. De dienst geeft ook advies.  
  • Om technische installaties te inspecteren, schakelen organisaties externe diensten voor technische inspecties (EDTC) in. Ook zij zijn een bron van professioneel advies. 
  • Consultants adviseren bedrijven die bijvoorbeeld vrijwillig een kwaliteitscertificering willen binnenhalen.